Shein

Soms vind ik een schat.
Een vintage juweeltje.
Niks wat je op afstand ziet glanzen.
Maar als je het oppakt, hé dan klopt het.
Stevige naden.
Parelmoer knopen.
Een stof die oud is op de goede manier.
Er is ooit iemand geweest die hier liefde en tijd in heeft gestoken.
Kleding met ziel.
Ik loop er graag tegenaan, in stukken die iets hebben meegemaakt.
Omdat ik liever draag wat al een leven heeft gehad.
En precies dát botst op iets zonder enige ziel.
Shein. Dus.
De Chinese online winkel met bodemprijzen.
En juist zij willen nu fysieke winkels.
Om te beginnen in Parijs.
Vorige week speelde het overal.
Kranten, sociale media, en bij Croix.
Frankrijk is tegen.
De Senaat nam deze zomer al een wet aan tegen ultrafast fashion.
Soms pakken mijn collega’s en ik een Shein-shirtje op bij binnenkomst.
Voelen de stof.
Zien het merk.
Leggen het terug.
Het hangt niet in de winkel.
Nooit.
Want het lijkt nergens op.
En het staat haaks op alles wat telt.
Goedkope kleding kopen mensen wel.
Maar op de markt.
Of bij Croix.
Van oude vrouwen en mannen wiens huis is leeggehaald.
Er zit nog wel eens een naam in geborduurd.
Van iemand uit een verpleeghuis.
Soms wordt de naam weggehaald, soms blijft hij zitten.
Wordt het kledingstuk gewoon gedragen.
Omdat het stijl heeft.
Shein opende vorige week zijn eerste winkel in Parijs.
BHV Marais.
Drukte, kritiek, demonstraties.
Politiek, milieu, mode.
Iedereen heeft iets tegen.
De overheid dreigt de site offline te halen.
Sekspoppen met kinderlijk uiterlijk.
Veertig miljoen boete.
Shein past hier niet.
Haaks op alles wat Frankrijk heeft met kleding.
Terecht verzet.
Het zwarte vintage blousje met de parelmoer knopen liet zien dat alles wat telt, niet met één klik te koop is.
Ik verkocht het vanochtend.
Voor twee euro.
Kijk, dat is dan weer Croix.